Afgelopen weekend heb ik weer wat meer van Hongarije gezien. Dit keer het deel boven Budapest tot aan de Slowaakse grens. De Erasmuscoördinator van het stadje Györ (dichtbij de Oostenrijkse grens) had een tripje georganiseerd voor zijn groep en alle andere Erasmusstudenten in Hongarije die mee wilden. Didi, Ellen en ik waren natuurlijk wel te porren voor nog meer sightseeing en gezelligheid met andere studenten. We vertrokken met de boot vanuit Budapest naar het stadje Szentendre. Dit stadje heeft ook een prachtige ligging aan de Donau en weer konden we genieten van mooie gekleurde straatjes, kerken en pleintjes. Ik vind het geweldig om rond te lopen in dit soort plaatsjes, vooral als ik denk aan de saaie straten in Nederland.
We waren met 37 studenten uit 13 verschillende landen: India, Duitsland, Frankrijk, Bulgarije, Spanje, Hongarije, Finland, Maleisië, Polen, Tsjechië, Litouwen, Slowakije en niet te vergeten Nederland. Wat een diversiteit! Het was dan ook leuk en interessant om alle ervaringen van iedereen te horen en we hebben erg gelachen om de kleine Indiase meisjes met hun grappige accent. Alleen maar gezelligheid dus. Het nadeel was dat er twee grote groepen waren. Eén uit Miskolc (vlakbij Eger) en één uit Györ. Zij waren al hechte groepen en dan is het lastig om daar voor een paar dagen tussen te komen. Natuurlijk lukte dat en er waren genoeg vriendelijke studenten om mee te kletsen. Maar op dat moment miste ik mijn eigen groep wel. Bovendien was niet alles goed geregeld en ik ergerde me een beetje aan de Hongaarse stijl van organiseren.
Maar goed, we probeerden niet teveel te klagen over de negatieve dingen van dit weekend. En gelukkig hadden de positieve dingen ook echt wel de overhand. Het gebied rond de Donau, tussen Budapest en de Slowaakse grens, is namelijk prachtig; veel groen, historische kastelen (ruïnes inmiddels) en leuke stadjes. Even een korte samenvatting van de drie dagen in de 3 steden:
Szentendre:
In dit stadje hebben we een openlucht museum bezocht waar een oud Hongaars dorp wordt tentoongesteld. Er waren verschillende activiteiten voor de bezoekers zoals oud-Hongaarse spelletjes, volksdansen en boter maken. We hebben wat rond gelopen in het stadje en ’s avonds hadden we een barbeque bij het kampvuur op de camping.
Visegrád:
In Visegrád hebben we twee kastelen bezocht. Het mooie van kastelen is dat ze vaak bovenop een heuvel of berg staan en dat je een mooi uitzicht hebt over de omgeving. Maar voor het komende jaar heb ik wel weer genoeg kastelen gezien! Daarna konden we ons amuseren met een bobsleebaan en vervolgens zijn we naar Esztergom gereden.
Esztergom:
’s Avonds gingen we wijn proeven bij een wat ouder Hongaars stel thuis. Ze hadden een gezellige ruimte met drie lange tafels, schalen met belegde broodjes en de wijn en Pálinka werden geserveerd. Het wijn proeven zette zich voort in de wijnkelder waar de gastvrouw wat vertelde over elke wijn. In de vorige twee dagen probeerde de organisatie het ijs te breken tussen de 37 studenten met spelletjes maar mijn ervaring is dat je ze beter in een wijnkelder kan zetten; dan wordt het vanzelf gezellig. Muziekje erbij, en het ijs is gebroken! Onze gastheer en gastvrouw genoten zelf ook van de gezelligheid en stonden samen met ons te swingen op de dansvloer.
Bij Esztergom dient de Donau ook als grens tussen Slowakije en Hongarije, dus de volgende dag zijn we via de brug de grens over gestoken. Heel bijzonder was het Slowaakse stadje niet maar Didi, Ellen en ik vonden het wel fijn om even met z’n drieën rond te wandelen, een ijsje te kopen en een terrasje te pakken. Daarna gingen we naar het Donau-museum en de grootste basiliek van Hongarije. Daar zijn we ongeveer 500 traptreden omhoog geklommen. Pff, ik heb er nu nog spierpijn van. Weer beneden aangekomen deed onze organisator een woordje en zijn we naar het treinstation gelopen. Nog even snel een paar emailadressen uitwisselen en op naar Budapest.
In de bus naar Eger bespraken Ellen, Didi en ik alle gebeurtenissen, ervaringen en mensen van het afgelopen weekend. Het was leuk, gezellig, hilarisch maar ook heel vermoeiend. We hadden alle drie een goed gevoel over het weekend maar we waren ook heel blij dat we in de bus naar ‘huis’ zaten. Telkens als ik in de bus naar Eger zit, na een tripje of een dagje Budapest, voelt het zo goed. Eger is voor mij na 4 maanden echt een thuis geworden. Volgende week vertrekken we met de ouders van Ellen naar het Balaton meer. Daar begint weer een ander deel van onze Erasmustijd in Hongarije. Ik ga Eger ontzettend missen en ik wil nog even niet denken aan het moment van vertrek…
Foto’s van het Erasmus tripje